50 briljante atheïsten – deel 2/5

We gaan verder met onze lijst van briljante atheïsten doorheen de geschiedenis…

11. Jawaharlal Nehru

Jawaharlal Nehru [1889-1964] was een volgeling van Mahatma Gandhi. Nehru werd al op jonge leeftijd de voorzitter van het Indian National Congress, deels door zijn charisma en zijn pleiten voor complete onafhankelijkheid van het Britse rijk. Hij was de eerste en langst dienende eerste minister van een onafhankelijk India van 1947 tot 1964. Zijn waardering voor de parlementair democratie en zijn bezorgdheid voor de armen lieten hem toe een beleid te voeren dat door sommigen voor socialistisch werd uitgemaakt.

Nehru droeg de beleefdheidstitel “Wetenschapper” en ondanks de Hindi godsdienstige achtergrond van zijn familie, was hij een atheïst. Bij het smeden van een onafhankelijk, modern India waar educatieve en sociale kansen er voor alle burgers moesten zijn, ongeacht hun godsdienst of kaste, kwam zijn verwerping van om het even welk geloofssysteem in een regio met zo’n godsdienstige diversiteit ongetwijfeld van pas om hem bij zijn aanzienlijke verwezenlijkingen te helpen.

12. Linus Pauling

Linus Carl Pauling [1901-1994] was een van de meest invloedrijke scheidkundigen in de geschiedenis en een van de belangrijkste wetenschappers van de twintigste eeuw – of, volgens Gautam Desiraju die het Millennium Essay schreef in het blad Nature, een van de grootste denkers en zieners van de laatste duizend jaar. Hij is één van slechts vier personen die ooit de Nobelprijs hebben gewonnen in afzonderlijke en niet-verwante domeinen – voor scheikunde in 1954 en de Nobelprijs voor de vrede voor zijn aanhoudende campagne tegen atmosferische kernbomproeven in 1962. Omwille van zijn activiteiten voor pacifisme en tegen nucleaire wapens, moest hij voor een onderzoekscommissie van de senaat verschijnen, die hem expliciet ervan beschuldigde samen te spannen met de communisten.

De vrouw van Pauling, Ava Hellen, die hij huwde in 1923, was een pacifiste en vredesactiviste die hem betrok in de kruistocht tegen nucleaire wapens en nucleaire tests. Hji werd in de Lutherse kerk opgevoed en werd later lid van de Unitarian Universalist Church, maar verklaarde publiekelijk atheïst te zijn twee jaar voor zijn dood aan prostaatkanker op 93-jarige leeftijd.

13. Paul Dirac

Paul Adrien Maurice Dirac [1902-1984] was een Britse theoretische natuurkundige die een bijdrage leverde aan de vroege ontwikkeling van quantummechanica en quantumelectrodynamica [QED]. He deelde de Nobelprijs natuurkunde van 1933 met Erwin Schrodinger, en formuleerde wat later bekend zou staan als de vergelijking van Dirac, en hij bekleedde de Lucasische leerstoel in wiskunde in Cambridge, die gesticht was door Sir Isaac Newton en op dit moment bekleed door Stephen Hawking.

Dirac stond bekend voor zijn persoonlijke nederigheid, om zijn weigering zijn bijdrage tot de natuurkunde aan zichzelf toe te schrijven, en voor zijn ietwat Edwardiaanse zin voor sociaal fatsoen. Hij trouwde met Margrit, de zus van collega-Nobelprijswinnaar Eugene Wigner, in 1937. Hij adopteerde haar twee kinderen en het koppel had nog twee kinderen. Hoewel hij ooit zei dat “God gebruikt maakte van prachtige wiskunde bij het scheppen van de wereld”, waren zijn persoonlijke standpunten over godsdienst minder hartelijk. Wolfgang Pauli beschreef ooit het eerste gebod van Dirac over godsdienst als “God bestaat niet en Paul Dirac is zijn profeet.”

14. Ayn Rand

Ayn Rand [1905-1982] was een in Rusland geboren schrijfster die in 1925 naar de Verenigde Staten emigreerde. Haar eerste toneelstuk, “Nacht van 16 januari”, werd in Hollywood geproduceerd en later in Broadway. Haar autobiographische en anti-Sovjet roman We the Living, werd gepubliceerd in 1936. Ze is het best gekend voor haar geweldige intellectuele meesterwerk Atlas Shrugged, een mysterieverhaal waarin ze haar filosofie van objectivisme ten volle kon ontwikkelen.

In de rest van haar leven gaf Rand lezingen en schreef ze over objectivisme, dat ze “een filosofie voor het leven op aarde” noemde. Alle boeken die Rand publiceerde tijdens haar leven worden nog steeds gedrukt, en haar filosofie wordt nog steeds onderwezen in vele belangrijke universiteiten als een van de belangrijkste filosofische bewegingen in de moderne wereld. Objectivisme wordt vooral geprezen door trouwe kapitalisten en economen en vormt een fundament voor de veel bredere vrijdenkersbeweging.

15. Katherine Hepburn

Katherine Houghton Hepburn [1907-2003] was een toegejuichte actrice in films, op televisie en in het toneel gedurende 73 jaar van haar lange leven. Ze ontving 12 oscarnominaties voor beste actrice, en bezit nog steeds het record van 4 oscars in die categorie. In 1999 verkoos het American Film Institute Hepburn als de grootste filmactrice ooit. Ze haalde een diploma geschiedenis en filosofie aan de universiteit Bryn Mawr hoewel ze daar gekend stond als iemand die voortdurend de avondklok negeerde, rookte en naakt in het fontein ging zwemmen. Ze huwde beau monde zakenman Ludlow Ogden Smith in 1928, maar scheidde zes jaar later. Ondanks diverse romances, was de liefde van haar leven Spencer Tracy, met wie ze negen films maakte.

In een interview in 1973 in de The Dick Cavett Show, zei Hepburn dat hoewel ze instemde met de Christelijke principes en veel respect had voor Jezus Christus, ze geen persoonlijke godsdienstige overtuiging had en evenmin in een leven na de dood geloofde. “Ik ben een atheïst. Ik geloof dat we niets kunnen weten behalve dat we vriendelijk tegen elkaar moeten zijn en voor de ander moeten doen wat we kunnen.”

16. Jacques Monod

Jacques Lucien Monod [1910-1976] was een Frans bioloog die veel bijdroeg tot het begrip van de Lac operon als een regulator van genomzetting in cellen. Hij suggereerde het bestaan van mRNA-molecules in het proces van proteïnesamenvoeging, en droeg veel bij tot de enzymologie. Hij ontving de Nobelprijs voor de geneeskunde in 1965. Hij huwde archeologe en oriëntaliste Odette Bruhl in 1938. Ze kregen een tweeling, Oliver en Phillippe, waarvan de ene een geoloog werd en de andere een natuurkundige.

Monod schreef het boek Toeval en onvermijdelijkheid in 1970, wat een populair inleidend boek werd over de verhouding tussen toeval en aanpassing in biologische evolutie, en verschafte de atheïsten met heel wat argumenten door voor te stellen dat de natuurlijk wetenschappen een zinloze wereld onthulden wat de beweringen van de diverse godsdiensten ondermijnde. Zijn standpunten droegen ook bij tot de ontwikkeling van het idee “Memes” dat Richard Dawkins beroemd maakte.

17. Subrahmanyan Chandresekhar

Naar Padma Vibhushan Subrahmanyan Chandresekhar [1910-1995] – beter gekend onder z’n bijnaam “Chandra” – werd een zich in de ruimte bevindend observatorium voor X-stralen genoemd, dat gelanceerd werd door space shuttle Columbia op 23 juli 1999. Hij kreeg de Nobelprijs natuurkunde in 1983 voor zijn belangrijke bijdrage tot de kennis over de evolutie van de sterren. Hij is waarschijnlijk beter gekend voor zijn meesterwerk uit 1995, Newton’s Principia for the Common Reader, dat de gedetailleerde argumenten van het originele Principia van Newton uitlegde met de taal en methodes van gewone rekenkunde.

Hij was geboren in Lahore, India, maar naturaliseerde zich tot Amerikaan, en kwam uit een gezin waar intellect geen uitzondering was. Zijn vader werkte aan de overheid maar was een talentvol violist die diverse boeken schreef over musicologie. Zijn moeder was een intellectueel en was bekend voor haar vertaling van Een poppenhuis van Ibsen naar het Tamil. Zijn oom was natuurkundige C.V. Raman, die ook een Nobelprijs won.

18. Alan Turing

Alan Mathison Turing [1912-1954] was een wiskundige, logicus, computerwetenschapper en cryptoanalyst uit Engeland. Al op jonge leeftijd bewees hij een genie te zijn, door geavanceerde problemen op te lossen nog voor hij had leren rekenen. Op de leeftijd van 16 jaar kwam hij in contact met het werk van Einstein en extrapoleerde dat werk om Newtons wetten over beweging in vraag te stellen. Misschien wel zijn meest gedenkwaardige prestatie was zijn essay uit 1936 waarin hij de resultaten van Kurt Godel over de grenzen van bewijs en berekening herformuleerde, en de rekenkundige taal van Godel verving door wat we nu Turing machines noemen – formele en eenvoudige toestellen.

De godsdienstige overtuiging van Turing werd aan gruzelementen geslaan door de dood van zijn eerste grote liefde in het laatste jaar in Sherborne. Ze stierf aan complicaties van rundertuberculose (gekregen door het drinken van besmette melk). Hij werd atheïst met de vaste overtuiging dat alle fenomenen in wezen materialistisch moeten zijn.

19. Francis Crick

Francis Harry Compton Crick [1916-2004] is het best gekend als mede-ontdekker van de DNA-structuur. Hij vond de term “centraal dogma” uit om de stroom van genetische informatie te beschrijven als éénrichtingsverkeer – DNA naar RNA naar proteïne. Zijn voornaamste interesses omvatte twee fundamentele problemen in de biologie. Hoe niet-levende molecules levende organismen konden worden, en hoe de menselijke hersenen een bewuste geest creëren.

Wat godsdienst betreft, zei Crick ooit: “Het Christendom kan OK zijn tussen twee instemmende volwassenen, maar zou niet aan jonge kinderen mogen worden onderwezen.” In zijn boek Of Molecules and Men schreef hij zijn sterke standpunten neer over de verhouding tussen wetenschap en religie. Die standpunten bleven een rol spelen in zijn werk toen hij van moleculaire biologie overging naar theoretische neurowetenschap.

20. Claude Shannon

Claude Elwood Shannon [1916-2001] was een elektrotechnicus en wiskundige en stond gekend als “de vader van de informatietheorie”. Aan de universiteit van Michigan leerde hij het werk van George Boole kennen, en toen hij aan het MIT werkte met de ‘differential analyzer’, een vroege analoge computer, merkte hij dat de begrippen van Boole gebruikt kunnen worden om de ingewikkelde circuits van de analyzer eenvoudiger te maken. Hij schreef zijn thesis over wat later als Booleaanse logica gekend zou zijn. Zijn thesis aan het MIT paste dit werk toe om de wiskundige relaties in de wetten van Mendel op te stellen. Hij werd staflid aan het Institute for Advanced Study in Princeton, en werkte vrij samen met gekende wetenschappers uit andere domeinen om de ideeën op te stellen die informatietheorie werden.

Shannon en zijn vrouw Betty verenigden hun collectieve wiskundige en analytische vermogens in een spelheorie waarmee ze succesvol de casino’s in Las Vegas bezochten en een fortuin verdienden. Nog een groter fortuin vergaarden Shannon en zijn collega Ed Thorp toen ze dezelfde theorie (later gekend als de formule van Kelly) toepasten op de beurs.

About these ads

6 reacties op “50 briljante atheïsten – deel 2/5

  1. Dag Herman,

    Het is mij nooit echt duidelijk wat de bedoeling is van dergelijke lijsten, maar naar aanleiding van deze lijst had ik graag je mening geweten over een aantal gegevens. Ik beperk mij tot de christelijke traditie.

    1. De opvatting dat er een conflict bestaat, moet bestaan of altijd bestaan heeft tussen wetenschap en geloof, is een mythe. Het voorbeeld dat vaak gegeven wordt – “het geval Galileï” -, wordt gewoontegetrouw verkeerd weergegeven. Wetenschappelijk onderzoek wijst bijvoorbeeld ondermeer het volgende uit – en dit onderzoek komt zeker niet alleen van apologeten voor alle duidelijkheid:

    Uit de bespreking van “How the Catholic Church Built Western Civilization”:

    “By far the book’s longest chapter is “The Church and Science.” We have all heard a great deal about the Church’s alleged hostility toward science. What most people fail to realize is that historians of science have spent the past half-century drastically revising this conventional wisdom, arguing that the Church’s role in the development of Western science was far more salutary than previously thought. I am speaking not about Catholic apologists but about serious and important scholars of the history of science such as J.L. Heilbron, A.C. Crombie, David Lindberg, Edward Grant, and Thomas Goldstein.”

    En dit:

    “To say that the Church played a positive role in the development of science has now become absolutely mainstream, even if this new consensus has not yet managed to trickle down to the general public. In fact, Stanley Jaki, over the course of an extraordinary scholarly career, has developed a compelling argument that in fact it was important aspects of the Christian worldview that accounted for why it was in the West that science enjoyed the success it did as a self-sustaining enterprise. Non-Christian cultures did not possess the same philosophical tools, and in fact were burdened by conceptual frameworks that hindered the development of science. Jaki extends this thesis to seven great cultures: Arabic, Babylonian, Chinese, Egyptian, Greek, Hindu, and Maya. In these cultures, Jaki explains, science suffered a “stillbirth.” ”

    Voor meer: http://www.lewrockwell.com/woods/woods40.html

    2. Doorheen de geschiedenis zijn er steeds wetenschappers geweest die diepgelovig waren. Onder die wetenschappers waren er niet alleen die gelovig waren opgevoed, maar ook mensen die gelovig werden na een bewuste bekering. Wat opvalt bij de meeste wetenschappers die gelovig zijn, is dat ze hun wetenschappelijk werk vooral ook vanuit hun christelijke overtuigingen ontwikkelen.

    Ik geef enkele voorbeelden van die laatste gevallen uit het recente verleden of vandaag:

    - Georges Lemaître, grondlegger van de oerknalhypothese; astronoom, kosmoloog, wiskundige, natuurkundige en katholiek priester.

    - George Coyne: astrofysicus, Vaticaans observatorium, jezuïet (katholiek priester).

    - Simon Conway: Professor Evolutionaire Palaeobiologie (Earth Sciences Department, Cambridge University). Geprezen door Stephen Jay Gould voor zijn fundamentele inzichten in de Cambrische explosie, is Conway een vurige verdediger van de evolutietheorie in zijn boek “Life’s Solution: Inevitable Humans in a Lonely Universe (Cambridge)”. Daarnaast heeft hij geen geduld met atheïsten die de evolutietheorie gebruiken om een atheïstisch standpunt te “bewijzen”. Hij is actief in the Templeton Foundation, en is daarbij een voorname criticus van “intelligent design”. Met andere woorden: wetenschap en geloof kun je niet zomaar “mengen”.

    • @Erik:

      Dank je voor je uiteenzetting maar ze is niet zo relevant. Dit is een lijst van atheïstische wetenschappers. Het feit dat zo’n lijst bestaat en wordt gegeven, houdt impliciet in dat er evengoed een lijst van gelovige wetenschappers had kunnen gestaan.
      Nergens vermeld ik dat er geen gelovige wetenschappers zijn of bestaan. Nergens vermeld ik dat wetenschappers per definitie ongelovig horen te zijn.

      Ik heb in al mijn artikels en boeken steeds verkondigd dat er geen conflict hoeft te zijn tussen geloof en wetenschap of zelfs geloof en skepticisme. Dat betekent evenmin dat er nooit een conflict is. Dat hangt af van de opstellingen van de personen in kwestie.

      • Ok. Ik wist wel dat deze uiteenzetting niet onmiddellijk relevant was – ik gebruikte de lijst als een ‘aanleiding’. Heb je trouwens een bedoeling met die lijst briljante atheïsten? Zijn er besluiten uit te trekken? Of trek jij persoonlijk er besluiten uit?

      • Je zoekt er veel meer achter dan er is. Ik kwam deze lijst toevallig op het net tegen (in het Engels) en vond ‘m de moeite waard om hem te vertalen naar het Nederlands zodat ook Nederlandstalige surfers ervan konden genieten. En dat geldt voor de meeste lijstjes die je op deze weblog vindt. Mocht ik er besluiten uit hebben getrokken, dan had ik die zeker in het artikel vermeld ;-)

  2. Ik geef nog even enkele andere voorbeelden – let er ook op dat sommigen van hen voormalige atheïsten zijn:

    - Donald Knuth: Professor Emeritus van “the Art of Computer Programming” aan Stanford University. Knuth is de grootste theoreticus van het algoritme in de twintigste eeuw. Zijn invloed in de computerwetenschappen is onovertroffen. (Zie het multivolume “The Art of Computer Programming”, en zijn creatie van TeX). Als Lutheraan heeft Knuth een inspirerend en ‘guitig’ boek geschreven over alle verzen die 3:16 genummerd zijn in de bijbel, een boek dat hij eerst presenteerde aan “the Association of Christians in the Mathematical Sciences”. Hij heeft meerdere prijzen en erkenningen gekregen voor zijn werk, waaronder “the National Medal of Science”.

    - Alister McGrath: voormalig atheïst, professor in moleculaire biologie en later theologie. Zoals vele anderen (zie bijvoorbeeld C.S. Lewis) zich op basis van redelijke gronden beginnen interesseren voor de christelijke tradities.

    - Martin Andreas Nowak: professor biologie en wiskunde aan Harvard University en voorzitter van Harvard’s “Program for Evolutionary Dynamics”. Werkt als katholiek zoals McGrath (een Anglicaan) aan de Templeton Foundation voor de dialoog tussen geloof en wetenschap. Hij zegt het volgende over die verhouding: “Science and religion are two essential components in the search for truth. Denying either is a barren approach.”

    - John Polkinghorne: voor hij voor een Anglicaans priesterschap koos, was hij “Professor of Mathematical Physics” aan Cambridge University. Hij won de Templeton Prize in 2002, voor zijn werk aangaande de verhouding tussen wetenschap en geloof.

    - John Suppe: briljante “Professor of Geosciences” (Princeton University), die zich pas later in zijn leven bekeerde tot het christendom. Schreef ook over de relatie tussen wetenschap en geloof.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s